Strak in het pak

U heeft er even op moeten wachten, beste lezer, maar voor u ligt dan toch het laatste verslag van dit seizoen. Op 3 juni speelden wij uit tegen Rietmolen en deze mannen konden vandaag kampioen worden. In het vroege voorjaar zag het ernaar uit dat zijn daar linearecta op af stormden maar mede door een gelijkspel tegen ons, verdween hun zes punten voorsprong als sneeuw voor de dit jaar uitbundig brandende zon. Veel volk langs de kant dus, want half Rietmolen was er vandaag bij. Zij wel, wij niet. Allereerst waren we er geestelijk niet bij en zo kon het gebeuren dat ook de kledingtas er niet bij was. GJ was er ook niet bij en had de tas nog thuis. Gelukkig hielpen de Rietmolenaren ons uit de brand en in de kleding. Ze hadden nog een ratjetoe aan kledingstukken en zo stapten wij in blauwe, witte en zwarte kousen en broekjes het veld op. Daarnaast droegen vier van onze mannen gele shirts terwijl voor de overige spelers een kinderdroom uit kwam. Zij speelden voor het eerst van hun leven in oranje. Deze shirtjes hadden één nadeel, ze hadden allemaal het modelletje Robben waardoor we de wijkverpleging moesten invliegen om deze steunshirtjes aan te trekken, maar toen zag het er ook strak uit. Fysiek waren we natuurlijk ook niet allemaal aanwezig, de hele verdediging zat zelfs thuis en hun vervangers gaven niet thuis. Wij gebruikten de eerste helft om op elkaar ingespeeld te raken, kregen daar de tijd niet voor en werden uitgespeeld. Net als het echte oranje bakten we er dus niets van en de 4-0 ruststand was dan ook meer dan terecht. Ook de wedstrijd werd uitgespeeld en na rust bleken we dan toch redelijk op elkaar ingespeeld wat leidde tot een nog enigszins dragelijke 5-1 eindstand. Na afloop wilden wij natuurlijk nog wel even shirtjes ruilen met de kampioenen van Rietmolen, maar omdat de wijkverpleging twee uur nodig had om onze steunshirtjes weer uit te krijgen, kwam het daar niet van. Wel lukte het ons om iets anders te ruilen. Zij een bosje bloemen, wij een kratje bier. Ook geen slechte ruil natuurlijk.

De gastarbeider

Het gaat goed met onze voetbal economie. We draaien een topjaar. Al maanden ligt onze productiviteit op 2 wedstrijden per week. Maar de keerzijde bij zo’n sterke voetbal economische groei is natuurlijk het feit dat je een personeelstekort krijgt. Wij willen ook weleens onze vakantiedagen kunnen opnemen en los daarvan zaten we de laatste jaren vooral aan afbouwen te denken, maar BV Anboboys dwingt ons nu juist tot overwerk. En dat, beste lezers, heeft grote gevolgen. De ene na de andere speler gaat deze dagen de ziektewet in. Om de productie op peil te houden besloot ons managementteam tot drastische maatregelen. Dijkoraad trok de knip en Robstad uitzendbureau ging aan het werk met als gevolg dat we de laatste weken overspoeld worden door arbeidsmigranten uit andere elftallen. Deze voetbalgelukszoekers zijn dan wel nodig om ons team draaiende te houden tijdens deze hoogconjunctuur, het levert ook onmiddellijk proteststemmen op. Stel je ze op, dan pikken ze onze basisplaats in, zet je ze ernaast, dan zijn het profiteurs die alleen maar voor de derde helft komen.

Op een mooie Pinksterdag

Op een mooie Pinksterdag, wat zeg ik, op een hele mooie Pinksterdag, mochten wij de wei weer in. Ditmaal was Neede de tegenstander. Gezien het feit dat wij een verwoede strijd uitvechten om een plaats in het linker rijtje met Neede, zou je verwachten dat wij op volle oorlogssterkte en zeer gemotiveerd aan de aftrap zouden verschijnen. Maar het feit dat we donderdag nog een uitstekende prestatie leverden tegen Barchem leidde tot een heel andere instelling. Meer dood dan levende kwamen we donderdag van het veld. Ooit was er iemand die dan na drie dagen weer opstond, maar wij zijn Jezus niet. Als je dan ook nog eens de onchristelijke aanvangstijd in ogenschouw neemt weet je wel hoe laat het is (9 uur). Het gevolg laadt zich raden. Vandaag werd het helemaal niets. Marcel? De heilige geest ontbrak. Harmen? Geen heilig vuur. Johan? Niet gezien. Lange Jan, tot het einde van dit seizoen geblesseerd, Erwin, totaal afwezig, Gert Jan? Veel te vroeg voor hem (zoals trouwens elke wedstrijd) Berd? Geen lucht genoeg. Opa Jan? Bij de kleinkinderen? Maarten? Meer woorden dan daden. Hakan en Hakan? Die komen niet met Pinksteren, veel te druk met de Ramadan. Youpa? Geen spirit. Gerben? Geen schim van zichzelf, Ronny? Geblesseerd. Rob? Alsof hij al afscheid heeft genomen. Dick? Viel niet op, maar om.

Eeuwige jeugd

Vergeet de botox, vergeet de haargroeimiddelen, vergeet de facelift en vergeet proxofim. Het geheim van de eeuwige jeugd vindt u niet in dit soort middelen, beste lezers. Die vindt u veel dichter bij huis.

In de 27e eeuw voor Christus vertelden de Babyloniërs elkaar het Gilgamesh epos waarin verteld werd over de bronnen van de eeuwige jeugd. Volgens de Grieken lag er een bron voor het eeuwige leven in Ethiopië. Keizer Ying Zhang stuurde zijn hofmagiër Xu Fu naar het eiland Penlei omdat de bronnen daar zouden zijn. De Indianen vertellen over Bimimi. Oisin en zijn geliefde trokken naar Tiz na nOg in de overtuiging de bronnen daar aan te treffen. Alexander de Grote verloor zijn kok in de bron en vond zelf alleen valse bronnen. In de middeleeuwen was het Pape Jan die het eeuwige leven zou hebben en het gerucht gaat dat hij nog steeds voortleeft onder de naam opa Jan. Alphaville zong er over. In Amsterdam staat nu zelfs een brouwerij die beweert de eeuwige jeugd te hebben, maar u en ik weten dat elk glas van dit brouwsel uw leven niet verlengt, maar met een half uur verkort. De mensheid kon zoeken wat zij wilde, de bronnen van de eeuwige jeugd werden nimmer gevonden.

Het tellen der jaren

De jaren, beste lezer, de jaren beginnen te tellen. Pochten wij in voorbije jaren over het feit dat wij als Anboboys meer punten haalden dan de bij elkaar opgetelde punten van ons eerste, tweede en derde, heden ten dage is dat wel anders. Een blik op de ranglijsten leert ons dat we van alle zondag teams op dit moment de minste punten hebben. We houden alleen nog gelijke tred met de jongens van de zaterdag. Ook een blik op de ranglijsten van de afgelopen jaren maakt, hoewel we nog steeds in het linker rijtje bivakkeren, een duidelijk tendens zichtbaar. We zijn aan het aftellen. Vijf jaar geleden nog 2e, vier jaar geleden 3e, twee jaar gelden, 4e, vorig jaar 5e en, u raadt het al, op dit moment staan we 6e. We moeten nu echt op onze tellen gaan passen. Nog 6 seizoenen te gaan en we tellen helemaal niet meet mee en zijn voorgoed uitgeteld. Dat het niet goed gaat met de resultaten kun je dus wel stellen, hetzelfde is het geval met het aantal spelers. Nu we twee wedstrijden per week spelen, neemt het aantal spelers met de week af, dat gaat van 13, naar 12, naar 11, naar 10, naar 9, naar 8, naar 7, naar 6, en vandaag zelfs naar 5! Marcel, Erwin, Johan, Harmen en Gerben hielden de eer van de eens zo roemruchte Anboboys tot de laatste minuut hoog. Met nog 5 wedstrijden te gaan is het een simpel aftelsommetje om te berekenen dat we tijdens onze laatste wedstrijd op 3 juni met 0 eigen spelers aan de start verschijnen. Het is een trieste constatering, maar ik moet het u toch vertellen, uw Anboboys tellen niet meer mee. Tegen Witkampers kwamen we 6 keer alleen voor de keeper, maar terwijl wij de goal al zes keer telden, ging het evenzoveel keer mis, waardoor onze teller op 0 bleef staan. Stellen we daar de 3 goals van Witkampers tegenover dan weet u dat deze wedstrijd met 3-0 verloren ging. Gelukkig konden we ons verdriet na afloop heel lang verdrinken in de Zonnebloem al waar we wachtten op de komst van onze kampioenen, Klein Dochteren Zondag 2. Dat duurde al met al nog 1, 2, 3 uurtjes zodat ik u niet meer kan vertellen hoeveel bier er al doorheen was gegaan toen deze jongens eindelijk arriveerden. Maar ook hierin tellen we al niet meer mee. De jongens van ons tweede bleken ons er vandaag met gemak uit te drinken.

Klein Dochteren: Het Ajax van de Achterhoek

Bijna 20 jaar geleden, beste lezer, kwam ik aanwaaien bij Klein Dochteren. Als nieuwbakken Lochemer die weer wilde gaan voetballen, kon ik kiezen uit twee verenigingen. Sportclub Lochem, zo hoorde ik, was, net als de meeste verenigingen, prestatiegericht. Klein Dochteren was gemoedelijk. Ik koos voor het laatste. We zijn twintig jaar verder en in de krant hebben we allemaal kunnen lezen dat ons bestuur vreest voor ons voortbestaan. Maar dat is natuurlijk onzin. We staan juist aan de vooravond van een geweldige bloeiperiode. Het opheffen van ons eerste elftal is de laatste stap op weg naar groot succes. Ons laatste prestatieteam is opgeheven. We zijn terug bij af, het gaat louter en alleen nog om gezelligheid, de reden waarom ik twintig jaar geleden voor Klein Dochteren koos. In die twintig jaar ging er natuurlijk wel het een en ander mis. Ook wij besloten om prestatie gericht te gaan werken. Teams werden niet meer ingedeeld om basis van: “Waar voel jij je thuis?” maar op basis van voetbalkwaliteiten. Er werden jeugdtrainers van buiten gehaald waar tot die tijd de Dochterense familie het schip drijvende hield. Daarmee gingen wij dezelfde koers varen als onze grote buurman en als twee schepen dezelfde koers varen kun je net zo goed naar de luxe boot met kunstgras gaan. En zo geschiedde. Onze jeugd vertrok en nu stopt dus ook ons laatste prestatieteam. Wat overblijft zijn de gezelligheidsteams. De jongens van de zaterdag, de vrouwen van de zondag, de jonge mannen van ons tweede, de oudere mannen van ons derde en de bejaarden van ons vierde. Die teams namen onze ex eerste elftalspelers natuurlijk vol liefde op. Want ze moeten zich natuurlijk wel thuis voelen in hun nieuwe team. Met nieuwe spelers en nieuw elan stonden uw Anboboys tegen Neede dan ook binnen mum van tijd met 3-0 voor, waarna Neede wakker werd en er een echte wedstrijd volgde. Tot 12 minuten voor het einde leek er niet veel aan de hand, maar toen Peppie voor tien minuten uit onze familie werd verbannen vloog de ene bal na de andere er bij ons in. Henry kreeg als eerste een kleine inburgeringscursus. We leggen het nog twee keer uit:

Belastingdruk

Verwarring alom, beste lezer, bij onze formatiebespreking van afgelopen donderdag. We mochten uit naar DEO. Peppie nam het woord en constateerde dat, ondanks het opheffen van ons eerste elftal, we slechts over 11 spelers beschikten. Nogal wat spelers klaagden namelijk over een te hoge belasting en dreigden te vertrekken als deze belasting van 2 keer per week voetballen niet onmiddellijk zou worden afgeschaft. Verschillende memo’s deden, naar horen zeggen, hierover de ronde. Maar Peppie wist van niks. “Ik heb hier geen enkele herinnering aan”, zo stelde hij. Ook op de vraag wie er dan wel en wie niet deze zware belasting moesten dragen, gaf hij geen antwoord.

Hoe meer hoe beter

En weer was het een prachtige dag, deze zondag, de 22e april. Nog meer zon dan zaterdag, nog meer graden dan vrijdag, nog meer lente dan donderdag en nog meer doelpunten dan woensdag. We spelen meer wedstrijden per week dan we ooit gedaan hebben en het lijkt wel of we meer fit worden dan we ooit zijn geweest. Al jaren verliezen we van Marienveld, maar deze zondag dus niet meer. Met meer spelers dan je zou mogen verwachten bij zo’n zwaar programma wisten we van af het begin de wedstrijd onder controle te krijgen. We hadden meer balbezit, meer kansen en meer doelpunten. De bal ging meer en meer van speler naar speler. Dat gaat de bal natuurlijk altijd, maar vaak gaat hij dan van ons naar hun en vice versa. Nu ging de bal echter naar meer van hetzelfde. Het leek wel of we constant een mannetje meer hadden. Na ons eerste doelpunt volgenden er meer zodat we met een 4-0 overwinning naar de Zonnebloem togen waar de door vrouw Dijkoraad gesponsorde bitterballen meer dan voortreffelijk smaakten en we meer en meer bier tot ons namen. Maar dat is natuurlijk niet meer dan normaal na de derde winstpartij op rij.

De bejaardenclash

We schrijven woensdag 18 april. Het is schitterend weer en uw Anboboys, beste lezer, treden aan tegen de buurmannen uit Barchem. U denkt natuurlijk dat het einde van het seizoen nadert, maar daar moeten wij u toch even uit de droom helpen. Deze wedstrijd is namelijk de laatste uit onze eerste competitiehelft. Het heeft de KNVB namelijk behaagd om de gehele tweede competitiehelft in één maand te proppen. Vanaf nu spelen wij twee wedstrijden per week. Daar zouden ze in de eredivisie voor gaan staken en zelfs in Engeland zouden ze dit toch iets te veel van het goede vinden, maar wij, de helden van de Anboboys, gaan deze uitdaging gewoon aan. Dit is namelijk uitstekend voor onze conditie. Dat het minder goed is voor onze stijve spieren nemen we voor lief. De eerst 3 geblesseerden zijn waarschijnlijk een voorbode van wat nog komen gaat.

Komt een man bij de dokter…..

Volgende patiënt!……….
Ah, meneer Visschers, wat scheel eraan?

Nou dokter, ik heb weer zo’n last van mijn achillespees, kuit en hamstring dat ik elke wedstrijd na 10 minuten al weer uitval.
Meneer Visschers, meneer Visschers, hoe vaak moet ik het nou nog zeggen. U bent geen jonge god meer, uw lichaam is niet meer het lichaam van een adonis. Als u ouder wordt moet u niet meer, maar juist minder sporten. Niet meer op woensdag trainen op vrijdag een wedstrijdje spelen en op zondag voetballen. Dat is gewoon te veel van het goede. Eens komt de dag dat uw lichaam meer rust dan beweging nodig heeft en die dag ligt al lang achter u.